Nederlands leraar

Lezen en kijken

14-08-2012

Blog

S’morgens bij het ontbijt de Telegraaf, na het avondeten bij de koffie het NRC Handelsblad. Eens per week de Amersfoortse Courant, eens per week de Scherpenzeelse krant. Daarnaast las mijn vader het Financiële Dagblad en Elseviers weekblad. Televisie keek hij liever niet. Mijn moeder wel, ze keek ook naar het half zes journaal, het jeugdjournaal en het acht uur journaal. Daarna zaten ze samen de krant te lezen aan de grote tafel. Van voren naar achteren. Terwijl mijn vader zich verdiepte in een artikel van Elseviers Weekblad, las mijn moeder de laatste roddels uit de Privé, Weekend en de Story.

Dit werd weerspiegeld in hun tv kijkgedrag; wat Mies Bouwman betreft waren ze het met elkaar eens, dat was een vakvrouw. Maar wat had mijn vader een hekel aan ‘voor de vuist weg’ van Willem Duys (Blotekontengezicht noemde hij hem) en Sonja Barend (rooie rakker). Toch keek hij wel eens mee om haar een plezier te doen. De beste filmserie die ooit op tv verscheen, was naar mijn mening de serie ‘Heimat’ van Edgar Reitz. Daar keek ik op latere leeftijd met mijn ouders altijd naar. De eerste film van de tweede wereldoorlog, aldus mijn vader, die de werkelijkheid liet zien.

Het acht uur journaal was ook zoiets. Met koffie en koek voor de buis. Het commentaar van mijn moeder als Fred Emmer op de buis verscheen; ‘Kijk nou toch eens wat een combinatie! Die stropdas kan echt niet met dat overhemd!’ of Maartje van Wegen; ‘wat zit haar haar gek, ze moet nodig naar de kapper’. De presentatie was voor haar belangrijker dan het nieuws.