Eindstation Auschwitz.
9-05-2020
Het boek van Eddy de Wind –Eindstation Auschwitz – Mijn verhaal vanuit het kamp (1943-1945) is een absolute aanrader. Het verhaal is een ooggetuige verslag vanuit het concentratiekamp Auschwitz en moet verplichte kost worden bij de geschiedenislessen op school. De Joodse arts Eddy de Wind ging in 1943 als vrijwilliger werken in het doorvoerkamp Westerbork, waar hij de jonge joodse verpleegster Friedel ontmoette, die uit Duitsland naar Nederland was gevlucht. Ze werken verliefd en trouwden in het kamp. In 1943 werden ze gezamenlijk per goederentrein naar Auschwitz getransporteerd. Daar scheidden hun wegen zich: Eddy kwam terecht in barak 9, Friedel in 10, de barak waar medische experimenten werden uitgevoerd.

De beschrijving is somber, gedetailleerd en wat me het meeste verbaasde, totaal zonder zelfbeklag. Hij maakt er, in de donkerste tijd van de geschiedenis en op dat moment op de rottigste plek op aarde, het beste van.
Een citaat waarin hij de kommando’s beschrijft, de werkgroepen zoals ‘Bauhofkammando’, die stenen moesten sjouwen en het ‘Kesselkommando’, die de waterige soep moest verdelen;
‘Als je elk van de factoren afzonderlijk nam, was er in zo’n commando wel te leven geweest. Het werk was zwaar, maar op zichzelf uit te houden. De slagen waren kwetsend, maar je werd niet doodgeslagen. Het brood en de soep was weinig, maar je had er een lui leventje op vol kunnen houden. Maar de combinatie van al die factoren: zoveel werk en slaag bij zo weinig eten, was ondraaglijk. En dan het ergste: gebrek aan rust. Werk, appѐl, controles, eten halen en als je eindelijk in een bont gezelschap van acht man uit heel Europa in een kooi lag, de vergeefse strijd tegen luizen en vlooien.’
Onthutsend, adembenemend en beschamend, wat zich in het kamp afspeelde. Een zwarte bladzijde uit de geschiedenis.
En dan lees ik in de krant dat gisterenmorgen, om 9 uur, weer een aanslag gepleegd is op het HaCarmel Joodse restaurant aan de Amstelveense weg. Voor de 5e keer in twee jaar tijd wordt het restaurant, een van de laatste Joodse restaurants van Amsterdam, aangevallen. Gisteren, 75 jaar geleden nadat de tweede wereldoorlog tot een eind kwam, bleek alweer dat de Jodenhaat weer springlevend is in Amsterdam.

AMSTERDAM – Opnieuw is het Joodse restaurant HaCarmel in Amsterdam aangevallen. De eigenaren zijn inmiddels de tel kwijt. De politie meldt vrijdagmiddag dat de verdachte de 31-jarige Palestijns-Syrische vluchteling Saleh A. is. Hij werd in juli 2018 door de rechter veroordeeld wegens vernieling van ruiten en diefstal van een vlag in hetzelfde restaurant. Dat gebeurde in december 2017.
Bedoelde de Koning met ‘niet wegkijken’ en ‘niet normaal gaan vinden’ ook dat we de aanvallen op Joden in het Europa van nu niet meer moeten bagatelliseren? Dat gebeurde namelijk wel, de dader die hernieuwd toe heeft geslagen, kwam er de vorige keer met 6 weken gevangenis en een gebiedsverbod van af. Het gebeurde werd niet als ‘terroristische daad’ beschouwd.
Wat is dat toch met die softe straffen in Nederland? Ze maken stinkende wonden.
Hoe lang nog?











