Koude Oorlog
6-03-2014
‘Wenken voor de jongste dag’ schreef Harry Mulisch in de jaren zestig tijdens de hoogtijdagen van de Koude Oorlog. Naar aanleiding van de brochure die de toenmalige Nederlandse regering huis aan huis bezorgde over de wapenwedloop en de dreiging van de Russen. Een beschrijving van de maatregelen die genomen dienden te worden ter voorbereiding op een Russische atoomaanval. Zo was in de brochures te lezen dat in het geval van een atoomaanval men het beste onder een tafel kon gaan zitten met een pan op zijn hoofd. Mulisch wisselde deze belachelijke raadgevingen af met foto’s van de resultaten van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki. Een ontluisterend contrast waaruit een belangrijke conclusie kon worden getrokken; na een atoomaanval was er geen redden meer aan.
Na de val van de Muur in 1989 leek er een kentering te komen in de wapenwedloop. Met Jeltsin kwam er een einde aan de Sowjet Unie.
Geert Mak beschreef op vermakelijke wijze in zijn boek ‘In Europa’ hoe een dronken Boris Jeltsin na de ondertekening van het verdrag ter oplossing van de Sowjet- Unie de ruimte uitgedragen diende te worden omdat hij door alle Wodka niet meer op zijn benen kon staan.
De gebeurtenissen op de Krim brengen ons weer terug in de Koude Oorlog. Alle kranten beschreven de riedels van Poetin;
landgenoten beschermen in het aangrenzende buurland.
Een vergelijking met München 1939 was ook snel gemaakt en Putin vermomd als Hitler verscheen wereldwijd in de kranten.













