Meester, waarom ZIT in Nederlands zoveel? Goede vraag van een student; waarom zit in het Nederlands eigenlijk zoveel?
PLAATS –
Spullen zitten vaak; Je geld zit in je portemonnee, je boeken zitten in je tas. Je sleutels zitten in je jaszak en je telefoon zit in je broekzak.
Winkels zitten ook; ‘ken je Concerto, die platenzaak?’ ‘Eh ja, waar zit die precies?’ ‘Die zit in de Utrechtsestraat. O, zit die daar’.
Je zit op sport; ‘ik zit op voetbal en jij?’ ‘Ik zit op volleybal’. Dit betekent dat je lid bent van een voetbalclub of volleybalvereniging.
Je zit op school; ‘Mijn zoon zit op de Havo’. ‘O goed zeg, mijn dochter zit op de VmbO’.
‘In de zomer zitten wij altijd in Frankrijk’. ‘Waar zitten jullie precies?’ ‘O, in de Dordogne, daar zitten we elke zomer’.
Je zit en doet tegelijk iets;
je zit te bellen, je zit te eten, je zit naar een film te kijken, je zit muziek te luisteren of je zit te praten of bier te drinken.
In plaats van wat BEN je aan het doen? Dat in de meeste talen gebruikt wordt, ZIT je in het Nederlands heel veel te doen.
Uitdrukkingen met zitten;
Zie je het nog zitten? – heb je er nog zin in?
Ik zie het wel zitten! – ik heb er wel zin in!
Hij ziet het helemaal niet meer zitten – hij is er helemaal klaar mee en wil er niets meer mee te maken hebben.
Het is weer eind april dus de herinneringsrituelen aan de 2e wereldoorlog staan weer op de kaart.
De oorlogsfilms die in de komende dagen worden uitgezonden, vormen een jaarlijks terugkerend fenomeen. Er zijn vele films gemaakt, sommige zijn echt goed, maar vele niet realistisch.
Steven Spielberg wist wel hoe het moest, getuige zijn onbetwist als beste oorlogsfilm beschouwde epos ‘Schindlers List’.

Op de tweede plaats gevolgd door ‘Saving Private Ryan’.

Onze Paul Verhoeven staat ook hoog genoteerd op mijn lijstje beste oorlogsfilms; zijn ‘Zwartboek’ is meesterlijk in het tonen van de vele grijstinten in deze periode.
Dus niet het grijs van kleur als wel van nuances in goed en fout. Het zwart-witte van vele vroegere oorlogsfilms wordt hier gelukkig achterwege gelaten.
Dieptepunt van de lange rij oorlogsfilms waar een overwegend zwart-wit beeld wordt geschetst is toch wel de Amerikaanse film met een mega budget ‘De Slag om Arnhem’.

Tientallen megasterren kwamen opdraven om voor mega salarissen een rolletje te spelen. Ik noem maar een Sean Connery, een Robert Redford, een Michael Caine, een Gene Hackman.
Mooie mannen met een uitstraling. De Duitsers in deze film worden bijna zonder uitzondering getoond als bloeddorstige, gewelddadige engerds. De regisseur van de film, Richard Attenbourough, niet de eerste de beste, heeft zich in deze film laten leiden door wat over het algemeen gangbaar was in die tijd; het good guys/ bad guys scenario.
Beste oorlogsfilm over de 2e wereldoorlog? Die zijn natuurlijk gemaakt door de Duitsers zelf; het een paar jaar geleden verschenen; ‘Unser Mutter, unser Vater’ toonde zeer realistch de verschrikkingen van de oorlog.
Maar vooral ‘Heimat’ van regisseur Edgar Reitz is een meesterwerk, alleen al het 940 minuten tellende eerste deel.
Een vervolgserie die op Zondagavonden door de VPRO werd uitgezonden. Mijn ouders, die de oorlog meegemaakt hebben, konden de serie ook zeer waarderen. Alles klopte aan deze film, de tijd, de personages en het verhaal.
Altijd al van een opgeruimde kamer gehouden. Sowieso, opruimen maakt me blij. Als ik alleen thuis ben, is altijd alles netjes opgeruimd. Dingen slingeren nooit zomaar ergens rond, alles heeft zijn vaste plaats en er is ruimte om me heen. Als het ook nog lekker ruikt, vind ik het helemaal gezellig.
Vroeger kwam ik wel eens op bezoek bij vrienden, aan hun kamer zag ik meteen wat voor mens zo iemand was.
Je had de chaoten, waar veel afwas op de aanrecht stond en te wassen kleding op de grond lag. Het stof was overal zichtbaar. Kranten, tijdschriften en cd ’s slingerden overal in het rond. Als je wilde zitten moest er eerst een stoel leeggemaakt worden. Overal rommel. De vriend in kwestie kon erg leuk en aardig zijn, maar in zo’n kamer hield ik het nooit lang uit. Een kopje thee en dan wegwezen.
Je had de onverschilligen, die het weinig kon schelen hoe het eruit zag. De hierboven genoemde chaos was het niet, maar harmonie en sfeer waren ver te zoeken. Of het was te stoffig en stonden er nog flessen of afwas hier en daar. Of het was wel opgeruimd, maar niet in harmonie. Cd’s die op de grond voor de stereo lagen, Lp’s die niet in de hoes waren gedaan en een boek, een tijdschrift of een krant die nog open op de bank lag. Als bezoek ga je daar dan geen commentaar op leveren, maar de sfeer in een dergelijke huiskamer vond ik aanzienlijk minder.
Trouwens, over sfeer gesproken. Bij de chaoten en de onverschilligen ging de chaos en rommel vrijwel altijd gepaard met een smaakloze inrichting, waar weinig aandacht aan was besteed.
Geen mooie foto of schilderij aan de muur, geen fruitschaal op tafel, geen bloemen of planten in huis. Planten maken de sfeer en bloemen de gezelligheid. Elke week een vers bosje bloemen maakt me blij.
Natuurlijk zijn huisdieren vaak gezellig, maar het kan ook teveel van het goede zijn. Als ik ergens kom en er zijn meerdere katten in huis, die soms op je knieën gaan zitten, vind ik het meestal storend. Als ik dan thuiskom heb ik kattenharen op mijn kleding zitten. Een kat alleen die rustig ligt te slapen in de vensterbank, dat vind ik dan wel gezellig.
Een hond die kwijlend met zijn bek voor je neus gaat hangen, nee liever niet. Er zijn natuurlijk ook beschaafde honden, die zich wat terughoudender opstellen. Laat ik voorop stellen dat het baasje of vrouwtje bij dergelijke honden in ruime mate over tijd beschikt om met het dier te gaan wandelen, liefs lang.
Dan heb je geen kind aan zo’n hond, als hij thuis is slaapt hij meestal. Nee, een kwelling is het als mensen een hond in huis halen waar ze eigenlijk geen tijd voor hebben. En dan vooral als je zulke buren hebt, wat ik meermaals heb meegemaakt. Zo’n hond zit dan urenlang erbarmelijk te janken of te blaffen en het baasje wordt dan nog kwaad ook, soms agressief, als je er iets van zegt. Terwijl het natuurlijk dierenmishandelaars zijn.
Bij de katten is dat een stuk minder, die kunnen zich aardig redden als ze een dagje alleen zijn. Maar ook daar komt de narigheid om de hoek kijken. In mijn studententijd had ik ook een poes in huis. Als ik dan thuis kwam van een lange dag studeren, hing er een stank in huis waar je bijna flauw van viel. Dus eerst als een gek de kattenbak verschonen en de vuilniszak naar buiten, dan de ramen open om goed door te luchten. Gelukkig had ik toen nog een klein tuintje, als je dat niet hebt is de poes helemaal voor 100% aangewezen op de kattenbak en dan kan je je lol op. Ook een krabpaal is een must, als je je bankstel in goede staat wenst te houden. Ook grote planten met kippengaas op de pot zijn ideaal, als je niet wil dat ze de plantenpotten als kattenbak gebruiken.
Al met al geldt voor huisdieren de regel dat je er tijd voor moet hebben. Mijn moeder zei vroeger altijd als ik begon te zeuren over hamsters, vissen of witte muizen die ik wilde hebben; als je er maar goed voor zorgt!
De kleine knaagdieren; leuk voor kinderen, maar het schoonmaken van het hok van zo’n dier is een essentiële voorwaarde. Als je dat een dag vergeet, verga je al snel van de stank. Ook heb je leuke en minder leuke marmotten, hamsters en witte muizen. Sommigen waren schattig en kon je aaien en in je hand laten zitten. Ze konden ook schuw en bijtgraag zijn, in dat geval kreeg het moeizaam opgebouwde vertrouwen met zo’n diertje een flinke knauw en begon de twijfel te groeien of je het nog wel leuk vond. Het aquarium, ook zoiets. Mooi om naar te kijken, maar wat een werk om het elke week te verschonen; met een krabbetje de groene alg weghalen en water bijvullen of eens in de maand het hele aquarium grondig schoonmaken. Niets zo ergerlijk als aquaria die al niet helemaal vol met water meer zitten, groenige aanslag op de ramen en stenen hebben en vissen die naar lucht happen.
Dus het plezier van een hond, kat of ander huisdier is afhankelijk aan de aandacht, tijd en zorg die je eraan besteedt. Dat houdt in dat je met alle liefde voer voor je dier haalt en een extra schoonmaakactiviteit bij de dagelijkse bezigheden in kan plannen . Alleenstaanden, bejaarden en gezinnen met kinderen kunnen er dan veel plezier aan beleven.
De kop van zo’n hond die je vragend aankijkt, de poes die bijna filosofisch uit zijn ogen kan kijken, echt heel gezellig, altijd.
Gezelligheid kent geen tijd, maar opgeruimd staat netjes.

De jaarlijkse familiefoto. Ik zit er als een koning middenin, was ook de blikvanger dat jaar. Wanneer was het? 1977? Mooie jongen hoor, met die haren en dat witte pak zit ik te glunderen of ik zojuist de lotto heb gewonnen. Deed het goed bij de meisjes, deze foto. Ik denk niet dat er ooit een betere foto van mij gemaakt is, wat alles zat mee; de leeftijd en de looks. Ik denk dat ik 18 jaar was toen.
Jaarlijks liet mijn moeder bij de fotograaf een foto van ons maken voor vaderdag. Er zijn er zo’n 20 jaar achtereen opvolgende foto’s gemaakt. Mooi om te zien hoe je veranderd jaar na jaar.
Deze foto was zonder meer het beste. Is alles niet de eerste keer het beste? Je eerste verkering, je eerste lange haar, je eerste witte pak.
Ik zit inderdaad te stralen op deze foto.
Interessant bericht van Bild Zeitung journalist Julian Reichelt;
Gaat China de gigantische economische schade, als gevolg van het Corona virus, vergoeden? Op die vraag, die in Bild Zeitung gesteld werd, reageerde de Chinese ambassade in Duitsland met een beschuldiging aan het adres van Julian Reichelt, dat het een infame en nationalistische leugen is. Hierbij de reactie van Julian Reichelt:
Beste President Li Xing Ping,
U regeert door bewaking, zonder bewaking was u geen president. U kunt iedere burger in uw land bewaken, maar u weigert om de gevaarlijke diermarkten in uw land te bewaken. Elke kritische krant of internet site maakt u dicht, maar niet de markten waar vleermuizen verkocht worden.
1. U bewaakt uw volk niet alleen, u brengt het ook in gevaar. En daarmee de hele wereld.
2. Bewaking door onvrijheid. Wie niet vrij is, is niet creatief. Wie niet innovatief is, vindt niets nieuws uit. Daarom heeft u uw land tot wereldkampioen diefstal van geestelijk eigendom gemaakt. China verrijkt zich aan uitvindingen van anderen, zonder zelf dingen uit te vinden. De reden daarvoor is, dat jonge mensen in uw land niet vrij denken kunnen.
Het grootste exportproduct, dat niemand hebben wilde, maar dat toch rond de wereld gegaan is, is het Corona virus.
3. Toen u en uw wetenschappers al lang moesten weten dat het Coronavirus van mens tot mens overgedragen wordt, heeft u de wereld hierover niet geïnformeerd. Uw experten hebben geen telefoon of mail beantwoord, toen westerse wetenschappers weten wilden wat er in Wuhan aan de hand is.
4. Laboratoria in Wuhan hebben vleermuizen onderzocht, zonder de hoogste veiligheidsmaatregelen te nemen. Waarom zijn uw laboratoria niet zo beveiligd als uw gevangenissen voor politieke gevangenen? Kunt u dat misschien de duizenden nabestaanden van Corona slachtoffers uitleggen?
5. In uw land brokkelt uw macht inmiddels af. U heeft voor een niet transparant China gezorgd, voor een bewaakt land, dat nu een wereldwijd virus heeft teweeggebracht. Dat is uw politieke erfenis.
6. Uw ambassade schrijft me dat ik de traditionele vriendschap tussen onze volken in gevaar breng. Ik denk dat u het als grote vriendschap beschouwt, dat u momenteel naar de hele wereld mondkapjes stuurt.
Ik noem dat geen vriendschap maar imperialisme. U wilt China versterken door een virus dat uit China afkomstig is. Ik denk niet, dat u persoonlijk uw macht daarmee nog redden kan. Ik denk dat Corona vroeg of laat uw politieke einde betekent.
Met vriendelijke groet,
Julian Reichelt
Fietsen in Osdorp 3
Vanmiddag ben ik met mijn Thaise vrouw mijn dagelijkse rondje Osdorp gaan fietsen. Heerlijk weer en lekker rustig. Verrast door de aanwezigheid van grote hoeveelheden korenbloemen, die het landschap momenteel verrijken. Mijn vrouw vindt die lekker als salade. Dat kan. Persoonlijk ben ik er niet zo enthousiast over, maar in Thailand eet men de korenbloemen graag. Vandaar dat ze de verleiding niet kan weerstaan om er wat af te plukken.

Mooi gebied dit, ik ben er inmiddels ook achter hoe het heet.

Het was vandaag, maandag, aanzienlijk rustiger dan gisteren, maar er stond wel een stevige wind, die recreatie als picknick en barbecue vrijwel onmogelijk maakte. Gisteren werden we nog opgeschrikt door beelden op het journaal over het Zuiderpark in Den Haag en het Westerpark in Amsterdam, waar toch weer teveel mensen te dicht op elkaar gingen zitten.
Inmiddels ga ik de serie Fietsen in Osdorp afsluiten, want ik fiets hier nu sinds een week dagelijks, het is een mooie fietstocht, maar deel 1 t/m 3 lijkt me voorlopig voldoende.
Wat ik wel iedereen mee zou willen geven; zoek een natuurgebied in de buurt, waar weinig mensen zijn. Die zijn er nog genoeg in Nederland.
Vanmiddag na mijn online werk weer lekker gaan fietsen in Osdorp. Iets meer wind dan gisteren, maar het zonnetje scheen er niet minder om. Dus vandaag weer met mijn factor 15 zonnebrand, een flesje water en mijn telefoon, langs de wilgen aan de waterkant.

Vervolgens het zelfde weggetje naar de Lodge huisjes, vlakbij het grote sportterrein met speeltuintje, daarna weer dat mooie lange rechte weggetje, met vandaag toch wel een foto gemaakt van De Melkweg, een lust voor het oog, dit huis.

Er valt zoveel te genieten dichtbij huis, gewoon eens de andere kant op fietsen dan je gewend bent en je komt voor de mooiste verrassingen te staan.

Fietsen in Osdorp
Ik fiets graag, nu het weer mooi is en de corona heerst, fiets ik graag de stad uit, dus van de mensen vandaan. Dat kan makkelijk hier in Amsterdam Osdorp, in een kwartiertje fietsen zit je al midden in de weilanden en het water. Rust, eindelijk! Een lang fietspad, eerst langs een woonwagenkamp, die je in vele dorpen en steden kan vinden, het was hier rustig. Interessant vond ik dat er een houten kerkje bij was gebouwd als kerk. Nooit geweten dat woonwagenbewoners ook naar de kerk gingen, maar waarom niet? Ik fietste door langs knotwilgen, de ene wel gekapt en de andere niet. Dat zei ook een fietsende vader tegen zijn zoontje voorop: ‘kijk, gekapt / niet gekapt / gekapt / niet gekapt, het geheel bood een rustgevend uitzicht. Heel attent zijn langs het fietspad af en toe bankjes geplaatst waar je op kan gaan zitten. Toevallig stond er net een echtpaar op dus ik zag mijn kans schoon en ging lekker zitten op het bankje.
Het voorjaarszonnetje was supergoed bezig, even sloot ik mijn ogen om de weldadige warmte op me in te laten werken. Dat was weer een lange koude winter geleden. Het kleine flesje factor 15 kwam nu goed te pas, wetende dat ik, zoals vele landgenoten, elk jaar na de eerste zonnige dagen, met een knalrode kop rondloop. Dus niet tussen 12 en 14 in de zon en wel smeren. Na een minuutje naar de eendjes te hebben zitten staren in de verte, pakte ik mijn fiets weer op en fietste verder. Ik kwam bij voetbalvelden en bij een groot open veld met een heuvel en een kleine speeltuintje. Volkstuintjes passeerden de revue en Lodges. Lodges?



Ja, ik vond ze mooi, avontuurlijk en het lijkt me bijzonder om erin te wonen, zeker met dit weer. Lekker buiten de stad en een eigen terrasje en tuintje, wat wil je nog meer? Waarschijnlijk valt de grondprijs flink tegen, waardoor je wel in een klein (groot waren de lodges niet) houten huisje zit, maar waarvoor je je waarschijnlijk blauw betaald. Maar misschien ook niet. Enfin, ik stond nieuwsgierig naar de huisjes te kijken, een weldadige stilte om me heen en als je me op dat moment gevraagd had; iets voor jou? Had ik zeker Ja gezegd met daarop de oer-hollandse vraag: Wat kost dat nou?
Niet slecht, daar in het westen van Osdorp. Ik ga toch eens vaker fietsen bij dit mooie weer. Buiten de stad, dat dan weer wel.
Vanmiddag deed ik hem op, na aandringen van mijn Thaise vrouw, toen ik naar de supermarkt ging. In Thailand heeft iedereen een mondkapje op, hier bijna niemand. Je valt ook op met zo’n ding, je ziet er een beetje eng uit. Met de plastic handschoenen erbij was ik helemaal compleet.
Daar ga je dan, hand gel op, handschoenen aan, mondkapje op. Alsof je een besmet gebied ingaat, dat weet je niet zeker, maar je neemt het zekere voor het onzekere.
Hand gel is ook zoiets, in Thailand is het overal op straat te koop, hier moest ik er twee weken om vragen bij de Etos en Kruidvat. Telkens uitverkocht, tenslotte heb ik in Hilversum bij de Trekpleister het maximale van 2 flesjes hand gel kunnen scoren. Dat wilde mijn vrouw zo graag.
Op zoek naar een brievenbus en het juiste adres om lesboekjes bij een cursist af te leveren, fietste ik naar De Aker, het Dijkgraafplein. Daar moest ik de boekjes bij nummer 243 D8 door de brievenbus doen. Voorzien van een mondkapje ging ik op zoek. Tevergeefs, ik belde mijn cursist en hij zei dat zijn vrouw naar beneden kwam.
Een man in een rolstoel kwam me tegemoet en vroeg om een kleine bijdrage. Normaal gesproken geef ik nooit iets aan bedelaars, maar nu deed ik dat wel. Ik gaf de man wat kleingeld uit mijn portemonnee. Even later kon ik de boekjes afleveren aan de vrouw van mijn cursist en fietste ik naar huis. De bedelaar bleef in mijn gedachten, had ik niet te dichtbij contact gehad? Was ik nu ook besmet? Dat soort gedachtes probeer ik snel uit mijn hoofd te krijgen.
Ben jij bang voor Corona? Vroeg mijn vrouw me. Ik moest toegeven dat ik bij sommige situaties achteraf denk; deed ik dat niet fout? Nog een voorbeeld;
Ik was naar de Mediamarkt geweest omdat ik een MS office pakket nodig had. Bij de parkeergarage op de terugweg moest ik pinnen. Zonder na te denken drukte ik mijn pincode in. In mijn auto heb ik altijd een potje suikervrije kauwgom naast me staan. Nu had ik in het dashboard kastje nog van de hygiënische citroendoekjes. Eerst even mijn handen schoonmaken voordat ik een kauwgummetje pak, dacht ik en voegde de daad bij het woord. Daarna pakte ik zo’n lekker suikervrij kauwgommetje.
Thuisgekomen kwamen de twijfels opzetten; had ik geen handschoenen aan moeten doen? Had ik beter geen kauwgom kunnen eten? Twijfels. Evenals een stukje fietsen of lopen, dat heb ik echt nodig dus fiets of loop ik elke dag, hoewel mijn vrouw zegt; thuisblijven! Jij zit in de risicogroep. Toch aardig van mijn vrouw dat ze zich zo’n zorgen maakt. Maar als je afstand houdt, mag je toch wel even een frisse neus gaan halen?
Ook in de supermarkt draaien mensen soms ineens om als ze voor me lopen omdat ze iets vergeten zijn. Ze komen dan wel dichterbij dan anderhalve meter, waardoor je schrikt en een beetje boos wordt.
Na een tijdje denk je; ach het zal wel loslopen.

In deze Corona crisis is het voor niemand makkelijk, ook niet voor docenten. Het online lesgeven is plotseling een must geworden. Niet elke docent begint hier heel graag aan, ook ik niet. Maar de vraag is inmiddels niet meer of, maar veel meer wanneer. Er was eigenlijk geen enkele reden te bedenken waarom ik het niet zou doen. Het is moeilijk, dat wel.
Een week lang heb ik uren op dat scherm van mijn laptop zitten kijken om het door te krijgen. Ik werd er soms duizelig van en moest dan even opstaan en wat bewegen. Ik had al wel ervaring met Skype, maar nog niet met Teams en ook niet met Zoom. Het lesgeven aan een internationale school met klassen van 20-25 pubers van 13 tot 18 jaar, dat is wel even heel iets anders. Een uitdaging, absoluut. Ik ga het in ieder geval voor 4 maanden doen en ik wil het heel graag tot een succes maken. Het is me eigenlijk erg meegevallen hoe de kinderen zijn, verrassend slim soms.
Daarnaast geef ik ook online les aan expats, op de dinsdagavond en zondagmiddag. Meerdere expats hebben al al laten weten dat ze de lessen missen, dus wellicht volgen er nog meer online lessen.