Het hoeft maar een nachtje te vriezen of lijn 26 legt altijd als eerste het lootje. Vanmorgen mocht ik met honderden anderen weer eens ondergaan hoe het voelt om bij vrieskou meer dan een half uur moet staan wachten. Geen enkele aanwijzing of informatie, alleen een tramchauffeur die vanuit een andere tram riep dat er een pendelbus zou komen. De mensenmassa zette zich in beweging en stond tevergeefs nog een kwartier bij een bushalte te wachten. Tergend langzaam reden meerdere bussen voorbij en lieten ons koukleumen. Uiteindelijk kwam er om vijf over half negen, ik had inmiddels veertig minuten in de vrieskou gestaan, een tram. Geen excuses zoals gewoonlijk. Wanneer wordt dat GVB eens geprivatiseerd? Komen we van die ellende af. Klantvriendelijkheid is bij GVB ver te zoeken.
Ik vertelde vanmorgen in de klas voor de kaart van Nederland over de kust, de rivieren en de haven van Rotterdam. Ook het deltaplan en over de afsluitdijk bracht ik ter sprake. Deze dijk was voor een groot deel een werkelozenproject, evenals de flevopolder.
Ook het Amsterdamse Bos werd door werkelozen aangelegd in de crisis van de jaren ’30.
Soms kom je op ideeën waarvan je denkt: ‘dat daar nooit iemand eerder op gekomen is’. Het zal misschien naïef zijn, maar het lijkt zo logisch en simpel.
Na de les zat ik met enkele collega’s te brainstormen over de mogelijkheid voor een werkelozenproject in de huidige crisis. Er is genoeg te doen in Nederland; denk alleen maar aan de lange termijn planning. Energie wordt schaars en steeds duurder.
Hoe zit dat met de zonne-energie? Ideaal om energie op te wekken. Helaas hebben we weinig zon hier, in tegenstelling tot landen als de Antillen, Marokko en Turkije, waar een overvloed aan zon is.
Als we nou onze werkelozen Antilianen, Marokkanen en Turken, waar er toch zeker duizenden bij zijn die nog gezond genoeg zijn om te werken en nu zinloos in de buitenwijken van Nederlandse steden zitten, eens in hun vaderland mee laten werken aan het installeren van gigantische hoeveelheden zonnepanelen op ongebruikte stukken land en woestijn? Twee vliegen in één klap zou je denken; een goede samenwerking met de twee landen, die er natuurlijk zelf ook beter van mogen worden en een gedeeltelijke oplossing voor het werkelozenprobleem.
Een eervolle bezigheid die de mensen weer een zinvol bestaan geeft. Makkelijk zal het zeker niet zijn, maar mogelijk wel.
Een paar dagen vorst in Nederland; het land is in rep en roer; schaatsen en snow- boots vliegen de winkel uit, rayon- hoofden van de elfsteden tochten worden geïnterviewd. De eerste schaatswedstrijden op natuurijs vinden plaats. Zou het dit jaar dan toch? Niet dus, een dagje sneeuw heeft dit jaar een illusie gemaakt van de tocht der tochten, die inmiddels legendarische proporties heeft aangenomen en misschien ooit nog eens plaatsvindt maar dit jaar niet meer. Zullen we afspreken om volgend jaar gewoon even af te wachten tot het een paar weken gevroren heeft en pas daarna met alle flauwekul eromheen te gaan beginnen? Tien centimeter is namelijk gewoon tien centimeter. Daar helpt al dat opgewonden en overdreven gedoe echt niet aan. Sterker nog, de teleurstelling achteraf is alleen maar groter. Het volgende ijs waar we naar uitkijken is het ijs van de ijssalon of de ijscoman op het strand. Die komt in elk geval, zon of geen zon. En volgende winter graag pas over de Elfstedentocht beginnen na drie weken vorst
1 dagje sneeuw in Amsterdam; het hele openbaar vervoer is door de war. Rijdt niet of langzaam. Een tramchauffeur zag ik gisterenavond in zijn overhemd uit zijn tram stappen en met een stalen stang in de tramrails staan wroeten. Die is morgen ook ziek, denk je dan.
Centraal Station; duizenden mensen aan hun lot overgelaten. Zoek het maar uit, treinen rijden er niet.
Vreemd; terwijl het toch hard sneeuwde, geen sneeuwschuiver te zien. Ook geen personeel van de stadsreinigingsdienst die bijvoorbeeld de bushokjes en zebrapaden sneeuwvrij maakte. Wel bosjes mannen met gele jasjes aan en petten op die met elkaar stonden te overleggen en hier en daar wat aanwijzingen stonden te geven aan gestrande reizigers, maar niemand met een sneeuwschuiver.
In München, waar ik 7 jaar gewoond heb en dus een zestal winters heb meegemaakt die drie keer zo koud waren als hier met drie keer zoveel sneeuw, heb ik nog nooit gezien dat er 1 bus, tram of trein uitviel als gevolg van de sneeuwval. Wel reden er s’nachts sneeuwschuivers door de stad en liep er s’ochtends om 4 uur al personeel met sneeuwschuivers rond. Ordnung muß sein. Daar is niets mis mee.
Hier sta je op de tram te wachten, blijkt die te zijn uitgevallen. Staat er wel een mannetje met een pet op om mee te delen dat er een pendelbus rijdt naar IJburg. Waar? Daar aan de overkant. Ploeg je jezelf er door de vieze moddersneeuw naar toe, blijken daar nog honderden mensen staan te wachten. Dringen, duwen en schelden om de bus in te komen waar je als sardientjes in een blikje tegen elkaar geperst moet staan.
Hals over kop worden er halve maatregelen genomen, waardoor je toch nog te laat op je werk komt. Waarom hadden de straatvegers die je het hele jaar ziet met hun veegkarren, geen schuivers voor hun autootjes? Zag ik in Duitsland ook altijd. Zomers een bezem en s’winters een sneeuwschuiver en strooizout.
Te weinig personeel misschien? Er zijn minstens vijftigduizend mensen met een uitkering in de stad. Als die nou eens voor de afwisseling vroeg uit de veren gaan en een paar uurtjes sneeuwschuiven? Heel gezond en verkwikkend. Dan helpen ze hun werkende medemens ook eens een keer. Of mag je dat niet zeggen?
Eindelijk weer aan de slag. T’is niet goed, zo’n lange vakantie, daar wordt je lui van. Laat naar bed, lang uitslapen. Lanterfanten, wat aan rommelen. Leuk voor een paar dagen, maar wat ben ik blij dat het weer gebeurd is, dat hele kerst- en nieuwjaars gedoe. Wel even omschakelen, zo’n dag als gisteren. 3 klassen met elk 3 uur. Van s’morgens 9 tot s’avonds 10 lesgegeven. Dat is weer het andere uiterste. Maar je mag blij zijn dat je werk hebt tegenwoordig.
Hoogste tijd, niet in het voorjaar maar nu. Bij het jaarbegin hoort een nieuw en fris huis. Ramen tegenover elkaar openzetten. Stofzuigen, vloer dweilen, opruimen. Alle overbodige rommel, door de weken door verzameld, in de vuilnisbak. De ramen schoon, de koelkast ontdooien, de zomerkleding naar de kelder. Platen, c.d.’s, dvd’s en boeken die ik niet meer luister, kijk of lees naar de tweedehands platen- en boekenwinkel. Een keertje naar het zwembad, een keer naar de sauna. Een lange strand- en/of boswandeling. Een dagje lekker thuisblijven. Een goed boek, een goede film
De rode vuurwerk- papierresten liggen nog massaal op straat hier. In tegenstelling tot Scheveningen waar de vuurwerkresten al met bezemwagens op nieuwjaarsdag werden opgeveegd. T’ is wat minder belangrijk, Amsterdam Osdorp. Weinig naknallen dit jaar, zal wel met de regen te maken hebben. Gisteravond werden we ineens opgeschrikt door een hele doffe, zware knal. Alsof er nog even een punt achter al het geknal van Nieuwjaar gezet moest worden. Nu is het dan toch echt afgelopen, ja.
De oliebollen (25 met zijn vieren), het vuurwerk (een pakket met pijlen) en de champagne (3 flessen La Combe). Wat een mooie avond toch weer dit jaar. Regen, dus geen lange nasleep en makkelijk opruimen. Lekker binnen blijven en naar buiten kijken. De vuurwerkshow die ik sinds vorig jaar jaarlijks gepresenteerd krijg wil ik niet missen. Het panorama van 9 hoog doet jaarlijks meer vrienden naar mijn ‘aquarium’ komen. ‘Room with a view’.
Net de nieuwe kalender gekocht; Mooi Nederland. Een fles demi- sec Prosecco. 2 vrienden nemen op oudjaar ook ieder een fles mee. 1 vriend neemt oliebollen – 2 appelflappen, 2 oliebollen met krenten en 2 oliebollen zonder krenten – en de andere zorgt voor vuurwerk. Daarbij het mooie uitzicht hier vanaf de negende verdieping. Laat oud en nieuw maar komen. Mooi Nederland.
Werkloze Spaanse jongeren trekken naar Amsterdam op zoek naar een baan.
Het is te merken. De groepen ‘Taal en Burgerschap’, die ik sinds kort heb voor een zesmaandelijkse cursus, bestaan voor een groot deel uit Spanjaarden. Daarnaast Portugezen, Bulgaren, Roemenen en Polen. Grieken en Italianen zijn wat minder ondernemend, lijkt het.
In Spanje is amper werk, hier verdienen ze het dubbele salaris voor dezelfde werkzaamheden en in Amsterdam voelen ze zich vrij.
Volgens Suarez Arguellez spreekt slecht een op de tien Spaanse jongeren die bij het consulaat langskomen voldoende Engels, ondanks het behalen van een universitair of hbo-diploma. “Dat vormt een groot struikelblok. Tegenwoordig is kennis van Engels of Nederlands zelfs voor ongeschoold werk een vereiste”.
De Spanjaarden zijn meestal hoog opgeleid en zeer gemotiveerd. Logisch, want de situatie in Spanje wordt steeds grimmiger, iedereen kent wel iemand die slachtoffer is van roofovervallen op klaarlichte dag, een autodiefstal of een zakkenroller.
Dit jaar zijn ruim 3500 Spanjaarden naar Nederland gekomen, meldt het CBS. Dat is een verdrievoudiging ten opzicht van de jaren tot en met 2008, toen ongeveer duizend tot 1200 Spanjaarden jaarlijks hiernaartoe kwamen. De nieuwkomers, tussen de 20 en 35 jaar, kennen meestal al iemand in de Spaanse gemeenschap in grote steden als Amsterdam en Den Haag; via hen wordt huisvesting of een baantje geregeld.
Voor immigranten blijkt woonruimte in Amsterdam nog moeilijker te vinden dan werk. Ze hebben vaak voor korte periodes woonruimte, zonder op het adres ingeschreven te staan. Sommige hoogopgeleide Spanjaarden werken in Nederland via detacheringsbureaus als Mediato en Otto Workforce, een aantal is hier gekomen met een kort contract bij een Nederlands bedrijf. Het grootste deel van de immigranten spreekt slecht Engels en werkt voor weinig geld in sectoren als de landbouw, horeca of schoonmaak.