Heet het metro station waar ik al een paar jaar uitstap om les te geven aan kleuterleidsters van allerlei nationaliteiten die hier werken. Ook hier ging het daarbij over het verslag schrijven en wat daarbij komt kijken. Daarnaast gaf ik lessen op B1 lezen, iets wat vorig jaar verplicht werd ingevoerd voor de kleuterleidsters.
Op Dinsdagmiddag help ik Mansa uit Ghana met het verbeteren van haar nederlands en ze heeft al grote vorderingen gemaakt.
Als ik wat vroeger ben en wat tijd over heb, loop ik graag een rondje door de buurt. Net of je op vakantie bent in een tropisch land, want als blanke ben je hier in de minderheid. De Afrikaanse en Hindoestaanse winkeltjes vind ik leuk om te zien. Jurken, pruiken, Jezus en Mariabeelden en allerlei produkten waarvan ik het bestaan niet wist zijn er te koop.
In mijn avondgroep zit Esosa, een Nigeriaan, wiens vrouw daar een afrikaanse winkel heeft. Maandag kwam daar totaal onverwachts een delegatie van Nigeria op bezoek. Vanuit de nucleaire top in Den Haag waren ze even komen kijken in Zuid Oost, waar veel landgenoten wonen. Een hele eer. De president van Nigeria heeft een hoed op tijdens het bezoek aan Den Haag. Hij heeft altijd een hoed op, aldus Mansa, die blijkbaar goed op de hoogte is van het wel en wee van de president van Nigeria.

Op het café op de hoek is het op Dinsdagmiddag om één uur s’ middags al een drukte van belang. Voornamelijk mannen uit Suriname en Antillen staan gemoedelijk te kletsen en een biertje te drinken. Als ik dan even later op het hoofdkantoor van de kleuterleidsters binnenkom, is het ook een drukte van belang, voornamelijk vrouwen die aan het werk zijn.
Wat voor weer ook, er heerst een opgewekte sfeer en er wordt veel gelachen in Zuid Oost.
Uit het raam van mijn appartement kijk ik neer op de kermis van Osdorp in het nabijgelegen park. Gisteravond reed ik erlangs op de fiets en het viel me op dat er ongeveer evenveel bezoekers waren als kermispersoneel. Te koud, net als vorig jaar. Waarom niet een paar weken later denk je dan. Maar nee, dit jaar van hetzelfde laken een pak; kermis van 21 tot 30 maart. Volgens mij worden ze hier niet rijk, maar moet er geld bij. Een bekend verschijnsel, ik denk het vaker als ik langs restaurants rijd met lege tafels. De stroom- en personeelskosten hoger dan de omzet.

Ik had eens een Turk in een inburgeringsgroep, hij was verkoper op de markt van keukengerei; potten en pannen en magnetrons en zo. Op een Woensdagavond toen we les hadden, zag hij er moe uit. Toen ik hem vroeg of hij soms een slechte dag gehad had, zei hij; ‘hoe raad je het. Vanmorgen om 7 uur ben ik van huis vertrokken met een aanhangwagen vol met marktwaar. Eerst mijn spullen uitgestald in de stromende regen. Die hield niet op vandaag; tot vijf uur s’ middags staan te wachten, de hele dag niets verkocht’. Beetje sneu.

Mooi weer is goed voor de omzet, ik had het vaker van marktkooplieden gehoord; mooi weer en beredruk, slecht weer en doodstil.
Een stille kermis is een zielige vertoning, alleen al als je denkt hoeveel uren mankracht er in de opbouw van de attracties zitten. Hopen dan maar op mooier weer.
Kermis, markt, festival, strand, bos en zwembad; geweldig leuk en mooi allemaal, maar geen mooi weer, geen mensen en zonder mensen al snel een sneue vertoning.
Risico van het vak in Nederland.
Heel goed voor je, fitness. Dacht ik toen ik 40 werd en nu fitness ik al weer een jaar of tien. Het schiet er wel eens bij in door drukte, maar telkens als ik geweest ben knap ik er enorm van op. Het is dan ook makkelijker om je beter te concentreren. Buikspieroefeningen; het is even afzien en soms pijnlijden, maar als je het niet doet krijg je wel een slap figuur, zeker als je ouder wordt.
Ik begon met Tae Boo. Lekker moven met box-bewegingen op muziek.

Tegenwoordig doe ik altijd mee aan de buikspiersessie, dan wat roeien, wat fietsen en een aantal krachtspieroefeningen. Door alle drukte schiet het er wel eens bij in, als ik dan twee weken niets gedaan heb voel ik me nogal slapjes en dat was de laatste week het geval. Gelukkig heb ik Vrijdag de draad weer opgepakt en voel ik me weer lekker fit. Ik doe tenminste iets aan sport. Al is het meestal maar eens of twee keer per week, ik fiets dagelijks en zwem als het even kan ook af en toe.
Het komt wel eens voor dat ik een lange dag gewerkt heb en denk; nee vandaag even geen fitness meer. Maar als ik dan toch ga, is al mijn moeheid weg.
Ben ik weer helemaal fit.
Het was vandaag het begin van de zomer in Thailand en ik mocht met mijn vrouw mee naar het Thai feest in Sloterdijk, alwaar haar baas ook een bijdrage leverde door middel van een mega grote pan met Laab Thai, pittig gekruid kipgehakt.

Het begon al vroeg op de Zondagmorgen om 9 uur. We werden verwelkomd door een boeddistische monnik, die door een microfoon thais zat te praten.

In de zaal zaten een vijftal monniken in oranje gewaden in kleermakerzit op het podium, er waren stoelen opgesteld en een honderdtal thaise mensen herhaalden de woorden van de buddha monnik, het was een meditatief gebed. Daarna haalde iedereen wat rijst en ging in een rij achter elkaar staan. De monniken kwamen na het gebed van het podium en ieder mocht wat van zijn rijst in de grote pan van de monniken doen. De monniken eten geven is een eeuwenoud ritueel in Thailand. Er liep een helper bij de monniken die, als de pan vol was, hem leegmaakte in een nog grotere pan.
Daarna was het eten, zoveel als je wilde en meenemen mocht ook. Opscheppen dus, tafels vol met allerlei lekkernijen.

Met een plastic tasje vol met smakelijke gerechten ging ik na een uurtje weg. Mijn vrouw amuseerde zich kostelijk met andere thaise vriendinnen. Ze blijft de hele dag en gaat vanavond door naar haar werk.
Geen feest zonder eten en Thais eten is altijd een groot feest.
Zaterdagochtend. Station Sloterdijk. Ik ben onderweg naar Uitgeest om les te geven en zoek, nadat ik een Volkskrant gekocht heb, even een plek om te zitten. Bij de Starbucks is het druk en bovendien vindt ik de koffie bij daar te duur en te groot. Gelukkig staan er buiten de Starbucks een aantal tafeltjes en stoelen, waar ik ga zitten. Terwijl ik ga zitten leg ik de krant op tafel met aan de voorzijde het achterhoofd van Wilders, die deze week zowat heel Nederland over zich heen kreeg na het; ‘willen jullie meer of minder Marokkanen?’. ‘De PVV loopt leeg’ kopt de Volkskrant.
Een man die als enige ook aan een tafeltje is gaan zitten knikt me glimlachend toe en komt bij me zitten. Ik ben Marokkaan, zei hij, ik doe jeugdwerk in de Baarsjes. De man was legionair bij de landmacht geweest. Zijn kinderen zijn hoog opgeleid en hebben een goede baan gevonden. Hij deed verslag van de vele incidenten met de Marokkaanse probleemjongens in de Baarsjes en ook over een recent incident met een Bulgaar, die voor overlast zorgde.
Hij vertelde me dat hij het op een aantal punten best met Wilders eens was. ‘Die Marokkaanse etterbakkies moeten keihard gestraft worden’ zei hij. Zelf was hij ook slachtoffer geweest van die etterbakkies, er was een Samsung G4 van hem uit zijn jas gestolen in het buurthuis waar hij werkt.
‘Nu is Wilders te ver gegaan, je kunt niet alle Marokkanen over één kam scheren’ zei ik en dat vond hij natuurlijk ook.
We wisselden nog wat anekdotes uit over onze ervaringen met die Marokkaanse etterbakkies.
Toen ik weg moest om mijn trein te halen realiseerde ik me dat het een Marokkaanse man was waar ik mee zat te praten. Aardige man.
De zon scheen op de grote markt, mooie stad toch dat Haarlem. Op koopavonden in Amsterdam is het altijd druk, hier was het lekker rustig. Makkelijk parkeren en gelukkig geen vervelende parkeercontrole zoals in Amsterdam. Het voorjaarszonnetje scheen, dus even een terrasje pakken.

Mooie smalle winkelstraatjes, leuke kleine restaurantjes. We brachten een bezoek aan het thaise restaurant Erawan. In een beoordeling op internet las ik dat mensen dit het meest authentieke thaise restaurant vonden dat ze kenden. Ik heb al heel wat thaise restaurants uitgeprobeerd, maar het eten was geweldig, de inrichting en bediening smaakvol en vriendelijk.

De naam ‘Erawan’ verwijst naar de 4-hoofdige Boeddha, Phra Phrom (brenger van goed nieuws).
In het Hindoeïsme staat deze godheid voor een schepper van cultuur. En cultuur, écht Thaise, vindt u hier dan ook!

De gerechten zijn zo min mogelijk aangepast aan de Europese smaak. Om die authentieke smaak te waarborgen wordt alleen gebruik gemaakt van de echte Thaise kruiden en groenten.
Deze worden wekelijks uit Thailand geimporteerd en beoordeeld op versheid en kwaliteit. Vervolgens worden ze door onze Thaise koks bereid tot de overheerlijke menu’s waar Thailand bekend om is.
Is het verslag schrijven over de gebeurtenissen die je hebt meegemaakt. Dit is niet zo makkelijk als het lijkt. Vooral als het door mensen geschreven wordt die het Nederlands niet goed geleerd hebben. Natuurlijk valt hiertegen iets te doen. Niet dat ik als docent Nederlands er in een keer voor kan zorgen dat alles nu 100% correct geschreven gaat worden, wel kan ik goeie tips geven waarvan notitities gemaakt kunnen worden zodat men in ieder geval de meest voorkomende spellings- en grammaticafouten niet meer maakt.
Eerder dit jaar gaf ik les aan juffen van kleuterscholen in Amsterdam Zuid-Oost.
Vanmorgen heb ik les gegeven in rapportage- of verslag schrijven aan een groep veiligheidsmedewerkers in Amsterdam-Noord.
Daarbij is aandacht besteed aan
Adequaatheid/begrijpelijkheid – veel te lange zinnen maken verslagen vaak hopeloos ingewikkeld
Grammaticale correctheid – Bijv. uitgangen van werkwoorden met d of t ‘- een verslag schrijf je natuurlijk altijd in de verleden tijd.
Spelling – hoe de woorden te schrijven, lastige lange woorden die je aan elkaar schrijft zijn bijv. Veiligheidsmedewerker, probleemgeval of legitimatiebewijs
Samenhang – heeft de tekst samenhang, dus zijn de woorden, de zinnen relevant voor de tekst, er worden nogal eens wat bijzaken beschreven die voor de informatie niet relevant zijn
Woordgebruik – ‘toen vertelde zij’ ipv ‘toen zei zij’
‘Zo gauw als het kan’ ipv ‘zo snel mogelijk’
‘vroeg haar of mevrouw haar adres gegevens ook in de tas zit’ ipv
‘vroeg mevrouw of haar adresgegevens ook in haar tas zaten’
‘hier werd aan de voorzijden van de wijk vuurwerk afgestoken maar niet op ons’ – ipv
‘aan het begin van onze ronde door de wijk werd vuurwerk afgestoken’ – geen schokkend nieuws op oudjaarsdag valt het te verwachten. Maar beveiligingsmedewerkers hebben ook een observatiefunctie, dus dienen bestaande situaties te beschrijven.
‘uit eigen veiligheid zijn we maar teruggegaan’ – het woordje ‘maar’ versterkt hier het vertrek en geeft een nogal vernederende en desolate indruk, zo van ‘toen zijn we maar weggegaan’ (we hadden niets beters te doen, we gaven alle hoop op)
ipv
‘voor onze veiligheid zijn we vertrokken’
‘het is redelijk druk op straat vooral met jeugd dat vuurwerk afsteekt’- ipv
‘het is druk met jongeren die vuurwerk afstak’
‘In het winkelcentrum komt een mevrouw van ongeveer 65 jaar naar ons toe met de schrik in haar ogen’- ipv
‘Een angstige 65-jarige vrouw kwam naar ons toe’
Beschrijvingen zijn vaak ook niet duidelijk. Bijv.
‘het was een witkatoenen tas met lange schouderbanden met Egyptische opdruk’ ipv
‘een katoenen schoudertas’ is duidelijk, Egyptische opdruk niet. Was het een Piramide of een egyptische tekst? Dat wordt niet duidelijk uit de omschrijving ‘Egyptische opdruk’.
Kopen, kopen, kopen, het lijkt wel één groot winkelcentrum. Een drukte van jewelste. Ik was voor een eerste gesprek naar de stichting Vluchtelingenwerk onderweg naar een adres in Almere. Zo op googlemaps 10 minuten te lopen en makkelijk te vinden, die Passeerderspassage. Toch valt het in werkelijkheid vaak tegen, straten blijken soms andere namen te hebben of anders te lopen. Een paar keer aan een bejaarde Almeerder de weg gevraagd en die bleken het wel te weten, maar de een weet het beter dan de andere uit te leggen. Veel bejaarden en veel gekleurde mensen in de winkelstraten, dat viel wel op. Ik zei dit tegen een collega en die gaf te weten dat het vorig jaar echt slecht ging met het winkelcentrum. Totdat de Primark kwam. De Primark is een grote zaak met spotgoedkope kleding. Ik zag hetzelfde in Hoofddorp en Zaandam; de mensen zijn er gek op en het was erg druk. Door de Primark is het ook drukker geworden in de andere winkels eromheen. Mijn andere collega zei dat er in Amsterdam een mega grote Primark gaat komen op het Damrak. Waarop mijn eerste klasse assistente antwoordde;
Oh, dan wordt het weer rustiger in Almere, voor een dagje shoppen gaat men toch liever naar Amsterdam dan naar Almere.
Menig traantje werd weggepinkt en men was duidelijk ontroerd. De inburgeraars wilde ik een stukje Nederlandse cultuur laten genieten en had ik de tekst van het lied ‘kleine jongen’ van André Hazes uitgeprint en uitgedeeld. Eerst hebben we de tekst samen gelezen, daarna heeft ieder het nog eens alleen gelezen. Men mocht commentaar geven en vertellen waar het lied over ging.
Daarna heb ik het lied pas laten horen. Grote mensen zaten met vochtige ogen te luisteren naar onze nationale volkszanger. Na afloop kreeg ik te horen;
‘Mooi meester, heel mooi. Dank u, dank u wel voor de goeie les. Het was erg fijn’.
Kleine jongen
Je bent op deze wereld dus zal je moeten vechten net als ik
Ik kan het weten het leven is niet makkelijk er is tegenspoed op ieder ogenblik
Kleine jongen
Er zijn veel goede mensen maar slechte zijn er ook helaas t’ is waar
Je moet maar denken dat jij straks gaat beseffen dat eerlijk het langste duurt
Geloof me maar
Dit leven gaat voorbij er is zo weinig tijd dus leef want jij bent vrij
Maar doe het wel verstandig maak de mensen blij
Dan zul je echt gelukkig zijn
Want het leven is zo kort de dingen worden anders als je ouder wordt
Je speelt nu nog met blokken maar dat duurt niet lang
Het is jammer maar je blijft niet klein
Kleine jongen
Op school al zal je merken dat alles draait om cijfers en om macht
Zo is het leven dus leer wat je moet leren want dan ben jij degene die het laatste lacht
Kleine jongen
Als jij dan later groot bent dan is je vader er misschien niet meer
Vertel dan aan je eigen kinderen de wijze lessen van je ouwe heer
Dit leven gaat voorbij er is zo weinig tijd dus leef want jij bent vrij
Maar doe het wel verstandig maak de mensen blij
Dan zal je echt gelukkig zijn
Want het leven is zo kort de dingen worden anders als je ouder wordt
Je speelt nu nog met blokken maar dat duurt niet lang
Het is jammer maar je blijft niet klein.. kleine jongen
Als ik vroeger het woord ’spelt’ hoorde dacht ik aan eens ‘speld’; een haarspeld was iets voor meisjes. Laten we het eerst eens hebben over speld met een d.
Een speldje was een naald met een reclameplaatje erop. Die kreeg mijn vader altijd cadeau als we benzine gingen tanken bij de Caltex. Mijn broer was een speldjesverzamelaar, hij stak de speldjes in het speldjes album van Caltex. En altijd als mijn vader benzine moest tanken was het van;
‘gaan we naar de Caltex, dan krijg ik weer een paar speldjes’.
Slimme marketing van die Amerikanen. Zelfs als we er voor moesten omrijden, reed mijn vader naar de Caltex.

Maar daar wilde ik het niet over hebben. Zoals de titel van dit stukje al zegt; het draait hier om het woord spelt. Met een t wel te verstaan. Spelt dus;
Spelt is een van de oudste graansoorten en wordt ook wel oergraan genoemd. Spelt zit boordevol eiwitten, vitaminen en mineralen die langzaam door het lichaam worden opgenomen. Hierdoor heb je langer een gevuld gevoel en behoud je een gelijkmatige bloedsuikerspiegel. Bovendien is het licht verteerbaar en daardoor goed voor de darmen.

Pakkende tekst maar laat dat maar aan copywriters van het reclamebureau over. Het is hun vak om pakkende teksten te schrijven. Maar desalniettemin niettegenstaande het feit dat het hier een reclamefolder betreft die het product ‘spelt’ dient aan te prijzen om dusdanige manier dat men denkt; ‘nou, dat wil ik wel eens proberen’, moet ik toegeven dat ik zelf al een paar maanden speltbrood eet. Ik vind het namelijk gewoon erg lekker brood. Dat het duur is – 4 Euro 10 voor een brood – neem ik dan op de koop toe.
Een trend is het ook wel, bij veel bakkers zie je al borden buiten staan met het woord ‘Spelt’ erop.
Een andere trend is de bestseller ‘de voedselzandloper’ van Kris Verburgh. Die wil ons doen geloven dat brood helemaal niet goed is en ons dik maakt.

Ik had het er laatst met mijn bakker over. Die vond het grote onzin. Hij vroeg mij of ik vond dat ik zelf dik was. ‘nee, eigenlijk niet. Maar ik fiets elke dag en ik zwem elke week’. ‘Precies, zei de bakker. Als je maar genoeg beweegt is er niks aan de hand. Maar als je al veel zit en je eet dan ook nog veel, tsja dan wordt je dik’.